Resultaten onderzoek

Kenmerkend aan de Mobility Challenge Hoogkwartier is dat we leren door het te doen. Tijdens het experiment wilden we leren wat het effect is van andere mobiliteitskeuzes op de beleving en het gebruik van de openbare ruimte.

Bij het onderzoek zijn drie onderzoekinstituten betrokken: DRIFT, Erasmus UPT en de Veldacademie. DRIFT evalueerde de werkwijze van de gemeente als mede-organisator van dit mobiliteitsexperiment. Erasmus UPT evalueerde de effecten van het experiment op (veranderende) mobiliteitskeuzes van de deelnemers op basis van vier enquêtes. En de Veldacademie richtte zich op de ervaring en het gebruik van de openbare ruimte. De resultaten worden in het eerste kwartaal van 2020 gepubliceerd door middel van een rapport. De eerste bevindingen zijn wel reeds gepubliceerd.

Eerste bevindingen

Vanuit de organisatie zijn de eerste bevindingen geselecteerd die we graag met je delen. Deze bevindingen zullen onderdeel uitmaken van het rapport.

1. Koppeling mobiliteit en leefomgeving vergroot slagingskansen Mobility Challenge

Het verhaal hoe anders om te gaan met mobiliteit de leefomgeving van een wijk kan verbeteren werkt positief en zorg dat mensen meer open staan voor een gedragsverandering op dit gebied. Zonder het verhaal te vertellen is deze link voor de meeste mensen niet evident.

2. Wijkgerichte aanpak vergroot slagingskansen Mobility Challenge

Het betrekken van de buurt in de hele opzet van het experiment zorgt voor draagvlak en begrip bij een gevoelig thema als de eigen auto en parkeren. Een wijkgerichte aanpak zorgt voor eigenaarschap van het project. Zo zijn er tijdens de Challenge bijzonder weinig klachten binnen gekomen.

3. Zichtbare verbeteringen in de wijk zorgt voor grotere betrokkenheid van bewoners bij hun leefomgeving

Het fysiek tastbaar en zichtbaar maken van de verbeteringen voor de leefomgeving fungeert als vliegwiel in de betrokkenheid van bewoners bij hun leefomgeving én is de eerste stap in de gedragsverandering naar andere omgang met mobiliteit.

4. Duur Mobility Challenge moet idealiter 1 jaar zijn

Het aanzetten tot gedragsverandering in gebruik van mobiliteit kost tijd; in ieder geval meer dan 2 maanden. Idealiter zou het hele experiment een doorlooptijd van een jaar moeten hebben. Het geeft mensen dan de mogelijkheid om ook lopende het project deel te nemen. Dit geeft ook de mogelijkheid om klein te beginnen en de interesse van bewoners op te wekken en op die manier het experiment te laten groeien.

5. Mobility Challenge Hoogkwartier is geen blauwdruk

Demografie en ligging wijk hebben grote invloed op resultaten experiment. De behoeftes op het gebied van mobiliteit en leefomgeving zijn zeer wijk specifiek. Er is dan ook geen 100% blauwdruk voor een Mobility Challenge die op elke wijk toepasbaar is. Er is wijkgericht maatwerk nodig om een optimaal resultaat te behalen. De behoefte uit een wijk zijn bepalend voor de invulling van de Challenge.

6. Gebruik deelvervoer binnen Challenge is specifiek

  • de doelgroep die deelneemt aan de Mobility Challenge zijn vooral mensen die hun eigen auto weinig gebruiken
  • deelmobiliteit is i.v.m. kosten nog niet geschikt voor woon- werk verkeer
  • de behoefte aan deelvervoer is vrij laag voor een wijk in de binnenstad welke goed ontsloten is met OV
  • de ‘HUB’, de centrale plek in de wijk voor het deelvervoer heeft zich niet bewezen. Mogelijk is dit op deze specifieke plek niet nodig, kan deze kleiner of zou deze gekoppeld moeten worden aan andere buurtfuncties om meer betekenis te hebben.