Ook een Mobility Challenge in jouw wijk?

Een belangrijk aspect van het experiment Mobility Challenge was de mogelijkheid om op te schalen naar andere wijken in Rotterdam en andere steden.

Inmiddels hebben meerdere wijken en steden belangstelling getoond. De organisatie wil graag haar kennis delen. Wil je ook een Mobility Challenge in jouw wijk? Neem contact op met de organisatie via e-mail.

Stappenplan

Alvast verder denken over de mogelijkheden van een Mobility Challenge in jouw wijk? Een eerste versie van een stappenplan vind je hier:

1. Wijkgerichte aanpak: start vanuit de wijk

  • Is er een initiatief in de wijk gerelateerd aan de thema’s van de Challenge?
  • Stimuleer dit initiatief en creëer het eerste draagvlak vanuit de wijk
  • Een wijkgerichte aanpak zorgt voor eigenaarschap van het project. Resultaten zijn direct zichtbaar in eigen leefomgeving. Een experiment heeft meer effect op bewoners die er direct bij betrokken zijn en actief meedenken of actief meegenomen worden, dan bewoners of bezoekers die het enkel ‘zien’.

2. Doe gedegen onderzoek

  • Gebruik data uit de wijk (parkeerdruk, aantal parkeerplekken, demografie, ontsluiting/bereikbaarheid OV etc.)?
  • Onderzoek de perceptie van bewoners en ondernemers op het gebied van mobiliteit en of de leefbaarheid van de wijk
  • Breng de in de wijk al aanwezige (deel)mobiliteit in kaart

3. Zorg voor een projectstructuur met goede koppeling tussen wijk en gemeente

  • Verenig het initiatief in de wijk (bv in een buurtvereniging, bewonersvereniging, ondernemersvereniging of Stadslab)
  • Zet een goede projectorganisatie op en betrek de gemeente direct als partner binnen het project.
  • Maak projectproces duidelijk voor alle betrokkenen, zowel binnen de wijk als binnen de gemeente
  • Trek (bij voorkeur vanuit de wijk) experts aan (kennis van de wijk, mobiliteit, stadmaken, stedenbouw, etc.)

4. Storytelling; maak een goed verhaal passend bij wijk

  • Weet goed wie de (realistische) doelgroepen zijn
  • Stel een verhaal op vanuit de behoeftes en condities van de wijk
  • Maak een koppeling tussen leefomgeving en mobiliteit
  • Maak het verhaal positief; vóór gezondheid, leefbaarheid en leefomgeving i.p.v. ‘tegen de auto’

5. Communicatie en participatie: informeer en betrek de wijk continue

  • Zorg voor een continue communicatie (open dialoog) met de wijk
  • Zorg voor een goede informatievoorziening (huis-aan-huis brieven, website, digitale nieuwsbrief) met duidelijke afzender
  • Organiseer buurtbijeenkomsten om de wijk op de hoogte te stellen en te laten meedenken aan de opzet
  • Visualiseer de scenario’s (maak inzichtelijk) van de mogelijke verbeteringen in de wijk
  • Zorg voor sterke visuele project branding in de wijk (bv posters, billboards etc)

6. Kies de juiste mobiliteitsoplossingen

  • Welke (extra) mobiliteitsoplossingen zijn er nodig in brede zin (bijvoorbeeld deelmobiliteit, auto’s van straat in garage, meer fietsen, betere toegang tot OV…)
  • Welke (extra) deelmobiliteitsoplossingen zijn er nodig (eigen auto delen, delen van auto met buurt of VVE, delen via een deelmobiliteitsplatform…)
  • Moet er een deelmobiliteitsaanbieder betrokken worden? Is een commerciele vorm of cooperatieve vorm (of andere vorm?) het meest geschikt?

7. Kies de juiste mobiliteitsaanbieder (wanneer er gekozen wordt voor een experiment met deelmobiliteitsaanbieder)

  • Wordt er gekozen voor één platform of verschillende aanbieders van modaliteiten?
  • Bepaal realistische voorwaarden voor aanbieder (bv; abonnementsvorm, huren op reservering, huren per uur, huren per minuut)?
  • Bepaal noodzaak voor lokale plek (HUB) waarin de modaliteiten zich bevinden

8. Neem de tijd

  • Neem voldoende doorlooptijd voor het experiment (idealiter een jaar)
  • Geef mensen de mogelijkheid om ook later in te stappen terwijl het experiment al loopt
  • Bouw het experiment stap voor stap uit; wanneer het zichtbaar is in de wijk zullen meer mensen geneigd zijn mee te doen.

9. Zorg dat het experiment een vervolg krijgt

  • Kenmerkend aan een experiment is dat je iets kunt leren door het te doen. Monitoring van deelnemers en gebruik is hierbij essentieel
  • Deel en reflecteert de resultaten met de wijk
  • Zorg dat het experiment een vervolg krijgt: kunnen uitkomsten permanent worden gemaakt? Bespreek en communiceer dit met de wijk.